­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

agenda 5a

Wat is er vanzelfsprekender dan het abc van het geloof te beginnen met de A van ‘Adam en Eva’? Als je het wilt gaan hebben over deze eerste mensen, dan loop je het risico verstrikt te raken in een discussie over de vraag: ‘Geloof je nu in Adam en Eva, of geloof je dat de wereld begonnen is met een oerknal?’ Zelf ben ik er altijd van uitgegaan dat de ‘oerknaltheorie’ samen met de evolutietheorie van Darwin vrij goede papieren heeft en dat het scheppingsverhaal van de bijbel geen historisch verslag wil zijn. Blijkbaar kunnen we niet in de bijbel terecht, als we precies willen weten hoe de aarde met alles wat leeft, is ontstaan. Dat wil zeker niet zeggen dat we de bijbel daarom maar opzij moeten schuiven. De schrijver van het verhaal over Adam en Eva keek om zich heen en bespeurde in de werkelijkheid een aantal oergegevens. Die heeft hij verwerkt in zijn verhaal over ‘de mens en zijn vrouw’, en de plek waar zij woonden: het paradijs oftewel de tuin van Eden.

Oorspronkelijk was Adam maar alleen. Of eigenlijk was hij niet alleen, want al gauw zorgde God voor gezelschap. De dieren op het land en de vogels in de lucht moeten ervoor zorgen dat Adam zich niet zo eenzaam voelt. Hij zoekt naar een hulp die bij hem past, maar die vindt hij niet. Iemand die bij hem past, iemand die hem echt tot gezelschap kan dienen, dat is de vrouw, die God voor hem vormt uit één van zijn ribben. Pas als Adam van God Eva heeft gekregen, kan hij gelukkig zijn. Blijkbaar is de mens niet geschapen om alleen door het leven te gaan. Dat is, denk ik, ook de ervaring van de meesten van ons. Dat je je pas echt gelukkig voelt, als er iemand, van wie je houdt, naast je gaat en met je optrekt.

Adam Eva ChagallDan nog iets over het paradijs. Dat is de tuin die God aangelegd heeft voor Adam en Eva. Daar mogen ze wonen. Maar het verhaal loopt treurig af. U kent het wel: ze eten van de boom van de kennis van goed en kwaad en zijn daarmee ongehoorzaam aan God. God straft hen door hen het paradijs uit te zetten. Was binnen het paradijs alles goed en lieflijk, daarbuiten hebben Adam en Eva te maken met alles wat het leven zo moeilijk maakt. Buiten het paradijs moet je zwoegen voor een korstje brood, daar heb je te lijden van ongemak en ziekte, daar kun je het ondanks de beschutting stervenskoud hebben, daar kunnen mensen je naar het leven staan. Buiten het paradijs vind je het leven, dat vaak zo keihard is. Kun je ook zeggen dat Adam en Eva, nadat ze uit het Paradijs waren verdreven, gedwongen werden tot volwassenheid?

Ik denk wel eens dat heel veel mensen in hun leven de ervaring hebben uit het Paradijs gezet te zijn. Je werkte met heel veel plezier bij een bedrijf. Je dacht dat dit altijd wel door zou blijven gaan. Maar er kwam een andere directeur en nu sta je, boos en teleurgesteld, op straat. Weg paradijs, ga het nu maar eens proberen in die andere, keiharde werkelijkheid. Of: je hebt een geweldige kindertijd gehad. Lieve ouders, je kon goed overweg met je broertjes en zusjes en bezocht een hele leuke basisschool. Maar dan kom je op de middelbare school. De leerlingen in de nieuwe klas zijn helemaal niet aardig voor je en het leren gaat om de een of andere reden ook niet zo goed. Weg paradijs, kijk maar hoe je omgaat met die klierige klasgenoten van je en zie die onvoldoendes op je rapport maar onder ogen. Toen Adam en Eva uit het Paradijs werden gezet, waren ze misschien wel de eersten, maar er zouden er nog velen volgen. Ieder van ons wordt in zijn leven uit zijn eigen paradijs gezet.

Wil je het verhaal over Adam en Eva nog eens nalezen, zoek dan in de bijbel de volgende passage op: Genesis 2,4b-3,24.

­