­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

agenda 5a

Bij ons thuis werd wel gezegd: ‘Die kun je om een boodschap sturen’. Daarmee werd dan bedoeld: dat is iemand die weet van wanten, iemand die geen half werk levert. Ook christenen moeten om een boodschap gestuurd kunnen worden. En dan gaat het niet om zomaar een boodschap, nee, dan gaat het om de boodschap, waar het allemaal in ons geloof om draait: het evangelie.

evangelie‘Evangelie’: het woord stamt uit het Grieks. In het Nederlands zeggen we dan: ‘Blijde Boodschap’. Deze vertaling legt de nadruk op het vreugdevolle aspect van de boodschap. Wat strikter vertaald, zou je het eigenlijk moeten hebben over de ‘goede boodschap’. In beide vertalingen klinkt door dat het een boodschap is die geluk en blijdschap wil brengen aan mensen die het aan willen nemen. Goed nieuws dus.

Eigen aan een boodschap is, dat het niet dwingend wordt opgelegd. Je kunt de boodschap aannemen, maar je kunt er ook aan voorbij gaan. Nooit kan iemand tot acceptatie van Jezus’ evangelie worden gedwongen. En ook als je je geëngageerd hebt met die boodschap, dan kun je er, als je wilt, weer van af. In die zin is de vraag die Jezus aan Zijn twaalf leerlingen stelt betekenisvol: ‘Wilt ook gij soms weggaan?’ (Joh.6,67). Hij stelt hun deze vraag, nadat een aantal leerlingen uit de bredere kring besloten hebben Jezus’ gezelschap te verlaten.

Wat is nu precies de inhoud van de boodschap van Jezus? Gaan we de evangelieverhalen na, dan stuiten we telkens op het motief van het Koninkrijk van God dat aanstaande is. Waar Jezus de mensen van wilde doordringen, was de komst van Gods heerschappij. Wanneer je hierover gaat mijmeren, is niet meteen duidelijk wat Jezus hiermee bedoelde. Hoe moeten we ons dat Rijk van God voorstellen? Enerzijds gaat het om iets wat voor het grijpen ligt. Het is er al bijna. Als je het wilt, kun je het pakken. Aan de andere kant ervaren we dat wij, mensen, niet bij machte zijn de komst van dat Godsrijk te verhaasten. Daarvoor zijn blijkbaar onze armen te kort.

Gods Koninkrijk moet je je niet voorstellen als een land of een soort koninkrijk, zoals Nederland dat is of Spanje. Veelmeer heeft het te maken met een wereld, zoals God die heeft bedoeld. In de wereld, zoals die nu nog is, hebben we altijd weer de neiging om langs ons eigen geluk heen te streven. We laten ons als het ware verleiden door de gouden kalveren van deze tijd: geld, macht en aanzien. Het koninkrijk van God is gekomen, wanneer dat allemaal niet meer speelt. Wanneer er geen barrières meer zijn tussen ons en God. Als niets meer in en buiten onszelf het geluk van de mensheid in de weg staat, dan is het Rijk van God aangebroken.

Soms ervaren we iets van het Koninkrijk van God. Ieder kent ze wel: korte momenten van intens geluk. De hemel breekt voor jou dan even door alle wolken heen. Vooral is het Koninkrijk van God al merkbaar in alles wat gaat volgens de regels van de liefde. Wanneer mensen aandacht hebben voor medemensen, terwijl ze net zo goed de andere kant op hadden kunnen kijken, dan is daar iets gaande van het Koninkrijk van God. Wanneer we mensen die in de put zitten, weer overeind helpen en wanneer we omzien naar mensen naar wie door niemand wordt omgezien, dan zijn we al een beetje burgers van Gods Koninkrijk.

Jezus heeft in Zijn leven de opdracht van de liefde ten volle nageleefd. In Zijn leven bespeur je geen egoïstische tendenzen. Zijn leven was voor de ander met een kleine letter en voor de Ander met een hoofdletter. In die zin kun je zeggen dat Zijn leven en Zijn boodschap met elkaar samenvallen. Zo heeft Jezus het evangelie met Zijn eigen leven voor ons neergeschreven. En wil je gaan ervaren dat dat goede nieuws van Jezus ook voor jou goed is, lees dan de evangelieverhalen van Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes maar eens door. Maar een nog beter idee is het om te besluiten op je eigen manier achter deze Jezus aan te gaan. Zo schrijf je, gaande op Zijn levensweg, je eigen evangelie.

­