­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

agenda 5a

rozenkransIn de kamer van mijn oma hing aan de lijst van een schilderij een rozenkrans. En elke dag, zo rond vijf uur ’s middags, plukte ze die rozenkrans van dat schilderij af om rozenhoedje te bidden, want zo heette dat. Dat duurde dan ongeveer een kwartier. Probeer het maar eens. Zo lang duurt het bidden van een rozenkrans.

Veel mensen hebben tegenwoordig nog zo’n ding. Ze hangen hem op aan de wand als versiering. En je ziet wel jongeren die hem als halsketting dragen. Maar de mensen die de rozenkrans gebruiken als hulp bij het bidden, zijn op de vingers van één hand te tellen. Of zijn – om in het taaleigen van de rozenkrans te blijven – op de kralen van één tientje te tellen.

De rozenkrans: niet meer en niet minder dan een hulpmiddel bij het bidden. Vaak stellen mensen mij de vraag: ‘Maar wat moet je dan, als je bidt, allemaal aan God zeggen?’ Dan leg ik uit dat je alles wat je op je hart ligt aan God voor kunt leggen. Je verlangens, je verdriet, je hoop en je wanhoop, je geluk, je liefde, je ongeluk, je boosheid en je eenzaamheid. Maar als de jaren gaan tellen, dan ga je merken dat de woorden je bij het bidden gaan ontbreken. ’t Is als bij een liefdesrelatie die al jarenlang standhoudt: dan zijn er tijden dat je het ook afkunt zonder woorden. Het bij elkaar zijn is al communicatie genoeg.

Als de woorden je gaan ontbreken bij het bidden, dan blijven de vaste gebeden over: het Onzevader en het Weesgegroet. Vaak heb je ze al zo vaak min of meer bewust gebeden, dat de zin van het overdenken van de woorden je ontgaat. En dan ga je die oude woorden gebruiken als manier om bij God te zijn. Je wilt tijd voor Hem reserveren. Je wilt even nadrukkelijk een poosje bij Hem verblijven.  En daar kan de rozenkrans dan goed voor zijn: een leidraad bij de tijd die jij voor God hebt ingeruimd.

Ja, en iedereen die zich er wat meer in verdiept heeft, weet dat je bij het bidden van de rozenkrans eigenlijk de zogenaamde ‘geheimen’ moet overdenken. Als ik, sporadisch, eens rozenhoedje aan het bidden ben, lukt mij dat nooit zo goed. Bovendien heb je voor het onthouden van die geheimen een goed geheugen nodig, en daar gaat bij mij nogal eens wat mis. Die geheimen zijn ook weer een hulpmiddel. Het zijn – om het zo te zeggen – taferelen of episodes uit het leven van Jezus en Maria. En met het bidden van de rozenkrans plaats je jezelf als het ware midden in het leven van Jezus en Maria. Je bidt jezelf er als het ware naar toe.

Het bidden van de rozenkrans is, zoals elke andere vorm van bidden, een manier van omgaan met het grote geheim dat God is. Met het herhalen van al die Weesgegroetjes wil je uiting geven aan jouw positieve houding tegenover God. Zoals Maria haar ‘fiat’ uitsprak, toen de engel Gabriël haar meldde dat ze moeder zou gaan worden van Gods Zoon, spreken ook wij ons ‘fiat’ uit bij het bidden van de rozenkrans. ‘Mij geschiede naar uw woord’, zei Maria tegen de engel. En vooral dat gebedszinnetje van Maria mogen we ons eigen maken in het rozenkransgebed: dat ons eigen leven meer en meer mag gaan samenvallen met de wil van God.

­