­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

agenda 5a

Lezingen: Apok. 21, 1-5a , Johannes 13, 31-33a.34-35

Is er iets in ons leven waarnaar wij meer verlangen dan naar liefde? Ik denk het niet, en mensen die iets anders  beweren, die geloof ik eigenlijk niet. Liefde is waar het uiteindelijk om gaat in ons leven. Sterker nog, wij zijn liefde, dat is onze oorsprong, Liefde (met een hoofdletter) heeft ons geschapen, dus kunnen wij iets anders zijn dan liefde?
We kunnen het wél heel anders beleven, want liefde wordt zo vaak bedolven door van alles en nog wat: conflicten, misverstanden, geweld, angst. Toch blijven wij  liefde, want de God van liefde die ons geschapen heeft, kon er écht niets anders van maken!

Liefde…
Hoe je het ook went of keert, uiteindelijk draait alles in ons leven daarom. Wat we ook doen, wat we ook presteren, het valt in het niet bij ons verlangen naar liefde. Dat komt vaak het meest intens naar boven wanneer we afscheid van iemand moeten nemen. Daar is het alleen nog de liefde die telt.
Als mensen weten dat ze gaan sterven, is één van hun grootste wensen vaak dat hun dierbaren goed met elkaar verder gaan, dat ze elkaar vasthouden, dat ze goed voor elkaar zullen zorgen, dat er liefde is. Het lijkt  alsof Jezus in het evangelie zijn leerlingen ook zoiets toewenst.

Met deze evangeliewoorden keren we als het ware weer even een stukje terug in de tijd: naar de tijd voor Pasen,
als Jezus met zijn leerlingen maaltijd houdt, voor de laatste keer. Hij weet dat zijn dood dichtbij is. De woorden die Jezus spreekt tijdens deze maaltijd, zijn in feite afscheidswoorden tot zijn leerlingen. Hij zegt hen: ‘nog maar kort zal Ik bij u zijn, een nieuw gebod geef ik u: gij moet elkaar liefhebben’ Jezus ziet ook dat er onder zijn leerlingen van alles speelt aan rivaliteit, verraad en verloochening.
Vlak voor deze evangeliewoorden is Judas naar buiten gegaan om Jezus te verraden. En meteen na dit stukje evangelie wordt ons verteld dat Petrus aankondigt dat hij zijn leven wil geven voor Jezus. Waarop Jezus hem verzekert dat hij hem, nog voor de haan zal kraaien, driemaal zal verloochenen.

Verraad en verloochening door de mensen die Jezus het meest nabij zijn, zijn leerlingen. Ook zij zijn gewoon mensen, net als wij. Mensen die liefde geven, maar die ook bang zijn. Mensen met hun sterke, maar ook met hun zwakke kanten. En te midden van dit alles geeft Jezus hun een nieuw gebod: dat ze elkaar moeten liefhebben.

Liefde…
Het is ons diepste verlangen, maar het zit zo vaak bedolven onder zoveel andere dingen. Strijd en geweld, er lijkt in onze wereld geen einde aan te komen. Kapot gebombardeerde huizen en steden, angst voor steeds weer nieuw geweld; een oplopende spanning tussen Iran en de VS. Nog steeds mensen die op de vlucht zijn; Aanslagen en de vrees daarvoor. Waar is de liefde in dit alles?
En we weten het allemaal: we kunnen elkaar, soms door één woord, door één daad, op het hart trappen; vaak ook helemaal ongewild of onbedoeld, maar toch zo dat dit alles gaat beheersen. We zien de ander, of de ander ziet ons, dan alleen nog maar als de veroorzaker van de pijn. Liefde lijkt volkomen bedolven te zijn.

Toch ben ik er hoe dan ook van overtuigd dat onder alles wat liefde lijkt te vermorzelen, de roep om diezelfde liefde onverminderd voort gaat. Ook bij hen die tot verschrikkelijke daden komen?
Ja, ik denk het wel, maar verstaat u mij alstublieft goed: de verschrikkelijke dingen waar mensen toe in staat zijn zijn nooit en te nimmer goed te keuren, maar voor mij blijft toch overeind staan, dat ieder mens ten diepste naar liefde verlangt, en ook liefde is.

Vorige week hoorden we hoe onze paus Franciscus nieuwe richtlijnen heeft uitgevaardigd om seksueel misbruik in onze kerk aan te pakken. Er is nu een meldingsplicht bij vermoeden van misbruik. De tijd van doofpotten is voorbij. En misbruik moet ook altijd worden aangegeven bij justitie. Stevige maatregelen om heel duidelijk te maken dat misbruik verschrikkelijk is, en heel duidelijk moet worden bestraft.
We mogen er trots op zijn dat de kerk dit nu zo duidelijk aanpakt. Om zo toch weer te kunnen gaan zien, dat het in onze kerk om liefde gaat, en nergens anders om.

‘Gij moet elkaar liefhebben, zoals ik u heb liefgehad’, zegt Jezus. Hij heeft het dan over een liefde die veel verder gaat dan: ‘ik hou van jou’, en ‘jij van mij’, hoe belangrijk die persoonlijke liefde ook is. Jezus heeft het dan over de liefde die wij zijn, omdat wij door God zo geschapen zijn. Die liefde verbindt ons met elkaar en met God.
Het maakt zoveel uit of we naar onszelf, naar de ander en naar onze wereld kijken vanuit die liefde, of dat we kijken vanuit een oordeel of vanuit angst. Liefde maakt alles anders! Of zoals we hoorden in de eerste lezing: ‘Zie, ik  maak alles nieuw.’

Al onze uitingen en ervaringen van liefde, hoe onbeholpen of onvolkomen ook. Ze tonen ons een glimp van de eeuwigheid. Al onze liefdevolle gedachten. Ze zijn zó oneindig waardevol. Laten we er in blijven geloven. Ze worden opgenomen in Gods liefde, die heel ons bestaan omvat, en eens alles zal voltooien.

Amen.

­