­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

afscheid tolboom

agenda 5a

coronavirus

Lezingen: Deut.8,2-3+14b-16a en Joh.6,51-58.

Beste zusters en broeders,
Ieder mens denkt wel eens na over zichzelf en over zijn eigen leven. Je bent het aan jezelf verplicht. Je kunt tenslotte niet alleen maar bezig zijn met wat nog gedaan moet worden. Je moet ook eens halt houden en tijd nemen om je te bezinnen. Je moet eens tijd nemen om in jezelf te keren en achterom te kijken. Hoe is het tot nu toe gegaan? Wat heb ik gedaan en gelaten? En vooral: wat had ik moeten doen en wat had ik moeten laten? Een boer die ploegt houdt de voren die nog getrokken moeten worden alleen maar recht als hij ook regelmatig achterom kijkt naar de voren die al getrokken zijn…

Als ik nadenk over mijn eigen leven, vallen mij twee dingen op. Ten eerste dat je karakter maar weinig verandert. Ben je gelaten, dan blijf je dat. Ben je explosief van aard, dan gaan de scherpe kantjes er met de jaren wel van af, maar het blijft wel bij je. Tegelijkertijd kun je absoluut niet zeggen dat je dezelfde blijft die je was. Door de besluiten die je neemt, door alle levenservaring verander je. Ik ben niet meer de mens van tien jaar geleden. Heel scherp gezegd: ik ben niet meer de mens die ik gister was, en morgen zal ik niet meer de mens zijn die ik vandaag nog ben.

In ons geloof worden we uitgedaagd niet dezelfde te blijven. ‘Blijf zitten waar je zit en verroer je niet’, is bepaald niet een uitspraak uit de Bijbel. Blijf niet wie je vandaag nog bent. Dat kleine slavenvolkje dat gevangen zit onder de knoet van de Farao van Egypte moet daar niet blijven. Nee, ze moeten veranderen van slaven naar vrije mensen. En daarom moeten ze weggaan uit het land dat hen in boeien houdt. En in het Nieuwe Testament komen we vaak de oproep tegen tot bekering. We horen het Johannes de Doper zeggen, maar ook Jezus: ‘Bekeer je! Keer je om!’. En dat betekent: Verander van een mens die egocentrisch is, verander van een mens die op zichzelf staat gericht, naar een mens die op de ander staat gericht, de ander met een kleine letter en de ander met een hoofdletter. Bekering… een mens hoeft niet dezelfde te blijven, maar kan veranderen ten goede. De grijze of zwarte bladzijden uit je levensboek kun je achter je laten.

Verandering…in de eerste lezing hoorden we over het manna, het hemels brood dat elke ochtend in korrels voor de tenten van het Joodse volk lag. Zo konden zij overleven. Maar ook: zo werden zij in de gelegenheid gesteld te veranderen in mensen die weifelachtigheid aflegden, te veranderen in mensen die moed hebben weer verder te gaan naar het Beloofde Land. Door het manna verlangden ze niet meer naar de vleespotten van Egypte, nee, het manna gaf hun kracht de tocht door de woestijn voort te zetten.

In de katholieke prediking over het sacrament van de eucharistie is door de tijd heen grote nadruk gelegd op de verandering tijdens de consecratie van brood en wijn in het lichaam en bloed van Christus. Men zei dan: dát is het wonder van de eucharistie! Maar ik zeg: dat is een van de wonderen van de eucharistie. Want er is in ieder geval nog één wonder meer. En dat tweede wonder van de eucharistie is misschien nog wel een groter wonder. Als wij ervoor openstaan, veranderen wij door de eucharistie, door het ontvangen van de H. Communie.

Een mens verandert in de ontmoeting met medemensen. Dat vormt hem of haar, dat brengt van alles met zich mee. Maar ook: een mens verandert in de ontmoeting met Jezus. Ontmoeten we Hem (in het gebed of wanneer we de Bijbel lezen of het sacrament van de eucharistie vieren) dan worden we geraakt door Zijn liefde, door Zijn barmhartigheid en dan gaat dat ook in ons leven. Ontmoeten we Hem, dan ervaren we dat Hij voor ons wil zijn voedsel voor onderweg, dan ervaren we dat Hij voor ons wil zijn sterkte bij al onze menselijke zwakte, dan ervaren we dat Hij voor ons wil zijn de haven waar we uiteindelijk binnen mogen gaan.

Wie van dit brood eet, zal leven in eeuwigheid… Die belofte wordt ons gegeven. De eucharistie verbindt ons met het leven dat God ons aanbiedt in Jezus. Tegelijkertijd geeft deelname aan de eucharistie ons een opdracht mee. Wanneer we hier zijn en meedoen aan de eucharistie, zeggen we ‘ja’ tegen Jezus. Maar als de viering is afgelopen, moeten we thuis en in onze woonomgeving maar laten zien dat we inderdaad gestalte willen geven aan Jezus’ Blijde Boodschap. Van gericht zijn op jezelf, naar omzien naar de ander. Van een hart dat vol zit van onverschilligheid en cynisme naar een hart dat hoop heeft en hoop wekt bij anderen, van denken dat er geen toekomst meer is voor deze wereld,  naar een bereidheid om met anderen te bouwen aan een toekomst voor medemensen.

AMEN.

­