­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

afscheid tolboom

agenda 5a

coronavirus

Het evangelie van vandaag speelt zich af op het moment dat Jezus zijn leerlingen voor het eerst zelf op pad heeft gestuurd. Er zijn namelijk teveel mensen die op zijn nieuwe boodschap en levenswijze afkomen en hij kan ze niet allemaal toespreken en helpen. Daarom stuurt hij zijn leerlingen maar op pad om een deel van de taken op zich te nemen. Hij verdeelt de last.

Ze krijgen van te voren wel uitgebreide instructies mee. Zoals bv. als je merkt dat je ergens niet welkom bent, steek er dan geen energie in; schud het stof van je voeten en ga verder naar andere plaatsen. En nog veel meer.
Of Jezus altijd al van plan was om zijn leerlingen te laten helpen, terwijl hij zelf ook nog druk bezig was, weten we eigenlijk niet. Het succes van prediking was misschien wel groter dan hij zelf had gedacht.

Maar hijzelf en dus ook de leerlingen krijgen niet alleen te maken met enthousiaste nieuwe volgelingen. Ze krijgen ook te maken met weerstand, jaloezie, achterdocht en onverschilligheid. Ze krijgen ook te maken met ziekte, met dood en mislukte toespraken. Ze lopen misschien wel aan tegen hun eigen onvermogen; tegen vermoeidheid en onzekerheid of ze het wel goed doen. Want ze willen het natuurlijk graag goed doen; het liefst even goed als Jezus zelf.

Hoe vaak Jezus en zijn leerlingen elkaar terug zien, blijkt niet uit de bijbel, maar waarschijnlijk blijven ze wel redelijk in de buurt: ergens in Galilea bij het meer van Tiberias en het achterland erom heen. Jezus is daar ook meestal. En het is daar dat hij vandaag zegt: Kom tot mij, jullie allen die vermoeid zijt en onder lasten gebukt gaat. Zegt hij het in de naam van God, die hij Vader noemt? En tegen wie zegt hij dit? Tegen de mensen die om hem heen zwerven? Vaak vermoeid en onder lasten gebukt? Tegen de leerlingen die er misschien ook wel tussen zitten? Met wisselende gedachten en ervaringen in het hoofd?

Misschien zegt hij het zelfs wel tegen zichzelf: want als de mens Jezus is ook wel eens vermoeid en gaat onder lasten gebukt. Al die kinderen van God zijn welkom onder de vleugels van God. Een zachtmoedige en rustgevende God. Ja, soms voelt ons leven als een juk, als een last die je te dragen hebt. Maar, zo zegt Jezus vandaag eigenlijk: Onder Gods vleugels is die last een stuk lichter, want je kunt je ondanks alles geborgen weten.
Dit evangeliegedeelte is wel bekend voor velen: het wordt vaak gelezen bij uitvaarten. Maar de betekenis is best wel breed; en verdient misschien meer aandacht. Het gaat uiteindelijk over: jezelf toevertrouwen; een grond voor je bestaan ervaren, onder je bestaan ervaren. Iets waar je niet doorheen zult zakken, om het zo maar eens te zeggen.

Paulus zegt het vandaag op een iets andere manier: De Geest van God woont in u. De Geest van God woont in ons, in ieder van ons. Als christengelovigen zich daarvan bewust zijn, durven ze er misschien ook op te vertrouwen dat dit inderdaad het geval is. Dat wij ons daardoor ook moeten laten leiden. In vertrouwen dat God met ons bezig is, ook al hebben we dat zelf niet altijd door. Dat God ook onder ons mensen bezig is.
Als mensen dragen wij elkaar toch door de tijd. Wij helpen elkaars lasten te dragen; wij delen onze belevenissen.  En ik ben ervan overtuigd dat wij mensen tot zoveel meer in staat zijn, wanneer wij ons gedragen weten door geliefden, door lotgenoten en vrienden. Het versterkt de samenhang tussen mensen en ook de veerkracht van een samenleving. En wanneer wij om ons heen zien, en kijken door deze bril, dan kun je dat bespeuren. Ook nu, ook vandaag.
In onze gemeenschap zie ik mensen elkaar dragen door de tijd. Ze zijn elkaars klankbord bij de koffie na de viering;
ze bezoeken en geven aandacht. Het is een soort sociaal breiwerk, maar kijkend naar de lezingen van vandaag, mogen we er ook de hand van God in zien.

Nu  ontbreekt de koffie vandaag en de komende weken nog even, maar u begrijpt wel wat ik zeggen wil. Het was juist om deze reden dat wij, als enige locatie van onze parochie, besloten om toch de mogelijkheid te bieden
in de afgelopen maanden dat er koffie gedronken kon worden. Nadat men in de kerk rustig de tijd had genomen om te bidden en evt. een kaarsje op te steken. De koffie is geen doel, maar een middel, al geef ik eerlijk en grif toe, dat voor mij persoonlijk de koffie ook wel een doel is.
Het sociale weefsel wordt pas echt belangrijk, wanneer er iets gebeurt waardoor je leven overhoop wordt gegooid. Dan komt het erop aan en ontdek je op wie je mag rekenen en op wie niet. Dat hebben wij deze afgelopen maanden allemaal gemerkt. Er overkwam ons allen iets, waarop we nooit hadden gerekend. Het gooide vaste patronen overhoop. En iedereen die dacht dat ie alles wel aardig onder controle had, ontdekte hoe naïef dat was. Sommigen wisten zich geen raad met de onverwachte doelloosheid en voelden zich verweesd. Anderen moesten harder werken dan ooit te voren.

Maar voor ieder geldt dat je broodnodig hebt: het rust vinden voor je ziel, in je geloof in een God die ons door alles heen draagt. Als begin en einde van ons leven.  Dat kan kracht geven. Wij weten dat gezondheid niet vanzelfsprekend is. Dat goede relaties ook niet vanzelfsprekend zijn en mensen uit elkaar kunnen groeien. Dat het leven soms bevochten moet worden. En dat wij kwetsbaar zijn.
Je gunt mensen dat ze mogen meemaken en ervaren hoe rijk de bron van het geloof kan zijn. Wij leven in een land waar veel zaken heel goed geregeld zijn. Dat is iets waar we echt wel dankbaar voor mogen zijn, maar het leven heeft ook nog een andere kant: daar waar het gaat om de kern van ons mens-zijn: wanneer wij ontdekken dat het leven een kwetsbare gave is.

Amen

­